De Hoelm — tussen dijk, koog en Zuiderzee
Kleine buurtschap
De Hoelm is een kleine buurtschap aan de zuidkant van Wieringen. De naam komt voor als De Hoelm, Den Hoelm en De Hoelem. Tegenwoordig hoort de plek bij Hollands Kroon. Tot 2012 viel zij onder de gemeente Wieringen. De Hoelm bleef eeuwenlang klein, meestal met enkele huizen. Juist daardoor is het oude karakter van deze randplek goed herkenbaar gebleven. met zicht op dijk, koog, oude waterkant en open Wieringer horizon.
Rand van het oude eiland
De Hoelm ligt net ten zuiden van Westerklief, op de rand van het vroegere eiland. Op oude kaarten is te zien hoe de buurtschap dicht bij de zuidelijke kustlijn lag. Achter De Hoelm lag de Hoelmerkoog, laag en nat. Daardoor lag deze plek precies tussen hoger Wieringer land, koogland, dijk en Zuiderzee. Die ligging bepaalde het werk, het landschap en het dagelijks leven. voor bewoners, vissers, boeren en kooikers samen.
Hoelmerkoog
Een koog was laaggelegen land, vaak beschermd door dijken of kaden. Op Wieringen was het verschil tussen hoog en laag belangrijk. Het bovenwalland lag hoger en droger, geschikt voor huizen, wegen en akkers. Het kogenland lag lager, natter en werd vooral gebruikt als grasland. In de Hoelmerkoog pasten ook sloten, plassen, kooibos en eendenkooi. Het landschap vroeg om aangepast gebruik. Het was bruikbaar, maar nooit helemaal droog, vlak of eenvoudig.
Waterhuishouding
Bij De Hoelm speelde waterhuishouding een grote rol. Walsloten en afwateringssloten voerden water af van het hogere land naar de lage koog. De Hoelmerkoog was geen droge akkerwereld, maar een nat gebruikslandschap. Dijk, sloot, grasland, plas en kooibos lagen dicht bij elkaar. Daardoor werd het gebied geschikt voor vee, eenden, wierverwerking en ander werk aan de rand van het eiland. Daar ontstond samen een landschap van voortdurend regelen en aanpassen.
Aakjes
Voordat Wieringen echte havens kende, gingen bij De Hoelm aakjes aan land. Deze Wieringer vaartuigen hadden een platte bodem en konden dicht bij de oever komen. Ze schoven als het ware vanuit de Zuiderzee het land op. De Hoelm was geen grote havenplaats, maar wel een praktische landingsplek. Daardoor had deze kleine buurtschap een duidelijke functie in het oude kustleven. voor vissers, wierwerkers, boeren en kleine handelaren uit de omgeving.
Visserij en wier
De visserij werd vooral in de negentiende eeuw belangrijk voor Wieringen. Er werd gevist op Zuiderzee, Waddenzee en soms Noordzee. In het najaar ving men paling, in de winter schelpdieren, in het voorjaar haring, ansjovis en geep, en in de zomer wier. Voor De Hoelm was vooral de wierwinning aan de zuidkant van betekenis, dicht bij de vroegere kust. Hier werd zeegras werk, inkomen, bouwstof en herinnering voor veel huishoudens.
Boeren en vissers
Op en rond De Hoelm leefden kleine boeren, vissers, eendenboeren en wierwerkers. Landbouw en visserij lagen hier dicht bij elkaar. Boeren konden neveninkomsten hebben uit de wiervisserij. Afval uit de schelpdiervisserij werd gebruikt als bemesting, waardoor delen van Wieringen kalkrijker werden. Dat maakt De Hoelm typisch Wierings: klein, praktisch en altijd verbonden met water, land en seizoenswerk. Hier vloeiden ambachten, familieverbanden en landschap in het dagelijks bestaan steeds opnieuw samen.
Oudste eendenkooi
Net ten noorden van De Hoelm lag in de Hoelmerkoog een oude eendenkooi. De oudste bekende vermelding dateert van 14 augustus 1676. Toen kreeg Jan Cornelis Broers, wonend op Wieringen, toestemming om een vogelkooi te hebben in de banne van Hippolytushoef, in het westeinde van de Hoelmerkoog. Later werd zo’n vogelkooi meestal eendenkooi genoemd in bronnen en verhalen. Zo krijgt het natte land een duidelijke historische datum voor De Hoelm.
Hoe een eendenkooi werkte
Een eendenkooi had laag, rustig en nat land nodig. De Hoelmerkoog bood water, sloten, beschutting, afstand tot drukte en een geschikte plas. Het hart was de kooiplas, omgeven door bos. Vanuit de plas liepen vangpijpen. Met tamme eenden, voer en soms een kooikerhondje werden wilde eenden naar binnen gelokt. Rust was noodzakelijk, want verstoring maakte vangst bijna onmogelijk. Dat vroeg dagelijks techniek, natuurkennis, stilte en groot geduld van de kooiker.
Wieringen als kooienland
Eendenkooien waren in Noord-Holland eeuwenlang een bron van inkomsten. Op oude kaarten telde het voormalige eiland Wieringen zelfs zeventien eendenkooien. Dat laat zien hoe geschikt het lage kogen- en polderland was. Rond 1925 waren er volgens de beeldbank van de Historische Vereniging Wieringen nog twee eendenkooien op Wieringen in bedrijf, waaronder de kooi in de Hoelmerkoog. De Hoelmerkoog hoorde dus bij een veel groter kooienlandschap van Wieringen en nat Noord-Holland.
Wierdijk
De Hoelm is ook verbonden met de Oude Zeedijk, beter bekend als de Wierdijk. Deze dijk loopt ongeveer acht kilometer richting De Elft. Wieringen kende al vanaf de dertiende eeuw wierdijken: aarden dijken met aan de zeezijde een verticale wierriem van gedroogd wier of zeegras. Zo gebruikte het eiland materiaal uit de zee om zich tegen het water te beschermen. Dat maakt de dijk bijzonder in het Nederlandse kustlandschap vandaag.
Hoelmerdijk
In de negentiende eeuw werden veel wierdijken vervangen door dijken met stenen glooiingen. Wierdijken waren kwetsbaar en vroegen veel onderhoud. Aan de zuidkant van Wieringen bleven nog enkele stukken over, waaronder een deel van de Hoelmerdijk. Bij De Hoelm is de Wierdijk nog goed te beleven. Hij is belangrijk als cultuurhistorisch monument en als herkenbaar spoor van oude waterverdediging. Zo bleef oude techniek zichtbaar in het landschap bij De Hoelm.
Zuiderzeewerken
In de twintigste eeuw veranderde De Hoelm voorgoed. De Amsteldiepdijk verbond Wieringen in 1924 met het vasteland. Daarna volgden de drooglegging van de Wieringermeer in 1930 en de Afsluitdijk in 1932. De open Zuiderzeekust verdween. De Haukes en Westerland verloren hun visserijfunctie. Den Oever bleef havenplaats, gericht op Waddenzee en Noordzee, terwijl de wiervisserij verdween. Voor De Hoelm verschoof de wereld voorgoed van waterkant naar stille binnenrand van nieuw polderland.
Wat bleef
Voor De Hoelm betekende dit het einde van de oude wereld van aakjes, wier, Zuiderzee en landingsplaatsen. Wat bleef, was een kleine buurtschap aan de oude dijk. De Hoelmerkoog, het kooibos, de eendenkooi en het zicht op land dat ooit water was, vertellen nog steeds hoe dicht wonen, werken, water en landschap hier bij elkaar lagen op Wieringen. De stilte van nu draagt daardoor veel verleden mee voor wie kijkt.
Kernverhaal
De Hoelm is klein, maar het verhaal is groot. Hier komen de oude Zuiderzeekust, de Wierdijk, de wierwinning, de aakjes, het lage kogenland, de Hoelmerkoog en de eendenkooi samen. Wie De Hoelm begrijpt, ziet een belangrijk deel van het oude Wieringen: leven op de grens van hoog land, nat land, dijk en water. Juist die samenkomst geeft betekenis. Daarom verdient deze kleine plek een eigen verhaal binnen de Wieringer geschiedenis.